wrij

Waterschap Rijn en IJssel

Vislift QR

Visactiviteiten in het voorjaar 2026

729

Vissoorten door de Vislift in het voorjaar 2026

17

Onderwaterbeelden

In de Vislift houden camera’s alle vissen die gebruik maken van de passage in de gaten. Zo weten we precies hoeveel vissen er zwemmen en welke soorten gebruikmaken van de Vislift.

Een vrije doorgang voor vissen

Voeg hier de introductietekst voor deze QR pagina toe.

Locatie-informatie

Hier komt binnenkort de tekst voor Waterschap Rijn en IJssel.

Meer weten over wat wij doen?

Meest gespot

Blankvoorn

Rutilus rutilus

Blankvoorn

De blankvoorn is een van de meest algemene zoetwatervissen die in zowel stromende als stilstaande wateren voorkomt. De blankvoorn (Rutilus rutilus) behoort tot de karpers (Cyprinidae). De soort heeft een zijdelings afgeplatte lichaam met zilverkleurige flanken.

De bek is eindstandig en het oog is doorgaans oranjerood van kleur. Blankvoorn kan tot 51 centimeter groot worden. De soort is te onderscheiden van gelijkende karperachtigen op basis van de stand van de bek en plaatsing van de vinnen.

Riviergrondel

Gobio gobio

Riviergrondel

De riviergrondel is een algemene bodemvis die voornamelijk voorkomt in stromend water met een zanderige bodem zoals beken en rivieren. Riviergrondel (Gobio gobio) is een langgerekte cilindervormige vis uit de familie van de karpers (Cyprinidae). De flanken zijn grijs met een blauwe tint met vage donkere vlekken.

De bek is onderstandig met in elke hoek een bekdraad. De soort kan circa 20 centimeter lang worden. Jonge barbeel heeft een vergelijkbare lichaamsbouw en is van riviergrondel te onderscheiden doordat barbeel vier bekdraden heeft.

Serpeling

Leuciscus leuciscus

Serpeling

De serpeling is een vrij zeldzame soort in Nederland die in het verleden achter uitgegaan is door het verslechteren van de waterkwaliteit en het normaliseren van beken en rivieren. Serpeling (Leuciscus leuciscus) behoort tot de familie van karperachtigen (Cyprinidae) en heeft een slank zijdelings afgeplat lichaam met zilverkleurige flanken. Het oog is gelig van kleur.

Serpeling kan ongeveer 30 centimeter lang worden. Het onderscheid met gelijkende karperachtigen als kopvoorn, winde en blankvoorn kan gemaakt worden doordat deze soorten een eindstandige bek hebben. De bek van serpeling is onderstandig.